Ons lichaam heeft energie nodig om op temperatuur te blijven, levensprocessen (ademen, hartritme) te onderhouden, te bewegen (spiercontracties), te groeien en weefsel (dode cellen, wondjes) te herstellen. Die energie halen we uit voeding. De hoeveelheid energie die een lichaam in volledige rust per dag verbruikt ( "basaal metabolisme" of BMR: Body Metabolism Rate) is ongeveer 70 kcal/h, of één kcal/h per kilogram lichaamsgewicht.

energievoedingEnergie kan gemeten worden in joules of in calorieën.
Een calorie (cal) is de (verouderde maat voor de) energie nodig om 1 gram water op te warmen van 14,5 graden Celsius tot 15,5 graden Celsius. Een calorie is equivalent aan 4,184 joule.
Een joule (J) is de energie nodig om een gewicht van 1 kilogram (kg) over een afstand van 1 meter (m) te verplaatsen met een kracht van 1 newton (N). Elektrische energie wordt meestal gemeten in kilowattuur (kWh). 1 kWh is 3 600 000 J of 3,6 MJ ( MJ is megajoule). Een joule is een wattseconde. Een lamp met een elektrisch vermogen van 1 watt verbruikt in 1 seconde 1 joule elektrische energie.

Normaal gebouwde, geen zwaar werk verrichtende vrouwen hebben ongeveer 2.000 kcal per dag nodig en dito mannen ongeveer 2.500 kcal.

‘Diëtist: lijnrechter.’(Hugo Olaerts)
‘De enige manier om gezond te blijven is eten wat je niet wilt,
drinken wat je niet lust en doen waar je geen zin in hebt.’
(Joey Adams)


De energie uit de voeding wordt geleverd door koolhydraten, vetten, eiwitten en alcohol:

  • 1 gram vet levert                                               37 kJ ( = 9,3 kcal, dus 9300 calorieën)
  • 1 gram alcohol levert                                         29 kJ ( = 7,1 kcal)
  • 1 gram koolhydraten (suiker of zetmeel) levert     17 kJ ( = 4,1 kcal)
  • 1 gram eiwit levert                                             17 kJ ( = 4,1 kcal)

Hoe zwaarder de inspanning, hoe hoger het calorieverbruik (afhankelijk van conditie, geslacht e.d.). Het calorieverbruik is dus afhankelijk van de activiteit, bij benadering:

    Liggen: 68 kcal/h;
    Ontspannen zitten: 71 kcal/h;
    Ontspannen staan: 75 kcal/h;
    In de houding staan: 78 kcal/h;
    Wandelen aan 3,6 km per uur: 210 kcal/h;
    Wandelen aan 6 km per uur: 350 kcal/h;
    Fietsen aan 15 km/h: 380 kcal/h;
    Zwemmen: 640 kcal/h;
    Joggen: 750 kcal/h.

500 van de 2.000 cal/dag gaan naar de hersenen. De werkingen van andere organen (hart, longen, lever, nieren) meegerekend verbruiken je organen 60% van deze dagelijkse calorieën. Spijsvertering (incl. kauwen, slikken…) verbruikt ook nog 10%.

Een volwassen man van  70 kilogram heeft 161.000 kilocalorieën  in de vorm van koolhydraten, vetten en eiwitten opgeslagen in zijn weefsels. Om niet te vermageren heeft hij bij gemiddelde activiteit ca. 2.500 kilocalorieën per dag nodig. Theoretisch heeft hij voldoende voorraad voor twee maanden zonder eten (wel drinken).
Na een maand beginnen organen één voor één uit te vallen. Eerst de darmen, lever en nieren. Daarna hart en zenuwstelsel (met een hartstilstand bij gebrek aan energie te pompen).
Artsen zien bij anorexiepatiënten dat het hart begeeft als de body mass index (BMI) tot 12.5 zakt. Uit concentratiekampen (WO II) weten we dat mensen met weinig calorieën per dag nog maanden of zelfs jaren kunnen blijven leven.

Gezonde en gevarieerde voeding bevat alle nodige stoffen, ook mineralen en vitamines. De schijf van 5 (Nederland) of de voedingsdriehoek (België) geven een overzicht hiervan: veel bewegen; minstens 1,5 liter water drinken; ruim granen en aardappelen; veel groenten en fruit; daarnaast wat vis, vlees, ei, zuivel en/of vervangproducten; weinig smeer- en bereidingsvetten; en een klein restje van overbodige snoep, alcohol.

Per uur worden in een menselijk lichaam 1 miljard oude of afgestorven cellen vervangen. Dit zijn de meest uiteenlopende cellen, van haren tot huid en van spieren tot nagels. Hierdoor wordt ons lichaam (haar, spieren…) jaarlijks ongeveer compleet vernieuwd.