Een nieuwe samenleving. Praktische info en inspirerende voorbeelden voor wereldverbeteraars.
Veel mensen willen een andere wereld. Maar hoe begin je er aan?


changetheworldNatuurlijk is iedere kleine persoonlijke stap belangrijk: meer fiets en minder auto, lokale bio-producten, energie verbruik beperken, 5 kilo afvallen…
Daarnaast zijn er samenwerkingsverbanden waarin mensen met dezelfde ideeën of dromen samen proberen nog iets méér van hun doelstellingen te realiseren.
En vaak verwondert het mij hoe weinig bekend die blijken te zijn. Ook dat ze elkaar zo weinig kennen. Nochtans is samenwerking een krachtige hefboom om een beweging en haar impact te versnellen. Ook als je het niet 100% eens bent is een behoorlijk alternatief beter dan niets doen.

Vandaar het idee om een aantal goede voorbeelden te verzamelen. Beknopt. Ter inspiratie. Om je eigen ideeën te versterken, en netwerken te bouwen. Om alternatieven (in eigen omgeving) te vinden en te steunen, initiatieven en krachten te bundelen. En niet steeds opnieuw het warm water te moeten uitvinden.

Schaal verhouding: ik of de wereld?
Het heeft weinig zin om je acties uit te stellen tot je vb. 20 ha landbouwgrond hebt om zelfvoorzienend te worden. Het heeft ook weinig effect als je je beperkt tot het kweken van je eigen kruiden op de vensterbank. Maar daartussen zit je macht als consument. En een heel gamma van kleinschalige mogelijkheden en solidariteit.

Kleinschaligheid is geen oplossing voor ieder probleem, maar biedt daartoe wel meer en realistischer mogelijkheden dan schaalvergroting.

Schaalvergroting kan zinvol zijn, maar moet begrensd blijven tot wat gemeenschappen kunnen overzien en controleren. Het mag geen doel op zich zijn, en geen louter middel om geld of macht te vergaren en uit te breiden.

Voordelen van grootschalige economie
Wereldwijde handel, grote geconcentreerde transporten (van vb. grondstoffen)
Standaardisering
Lagere kosten (puur financieel economisch gezien, exclusief milieu, gezondheid…), inkoopkracht
Specialisaties mogelijk, onderzoek en ontwikkeling, reserves voor risico’s
Meer sociale contacten. Professioneel management.
Meer mogelijkheden om onderbrekingen, ziekte ed. op te vangen, meer continuïteit
Snellere ontwikkeling van hightech producten

Nadelen van grote bedrijven
Anoniem en log. Winst georiënteerd. Vervuilend. Wurgend voor artisanale en lokale producenten, Eenheidworst. Monopolie. (Dezelfde winkels en producten in alle steden en straten.)
Teveel macht. Weinig bekommernis om menselijke waarden, gezondheid,… Manipulatie en opkopen van wetgevers, media. Reclame i.p.v. info
Verhuizen steeds naar laagste kosten landen
Protectionisme. Gigalonen voor onbereikbare toplui.
Bureaucratie en regels, bereikbaarheid (telefoon menu’s, wachtrij, nummertje…)
Te groot lijkt automatisch tot misbruiken te leiden. Banken en megaconcerns (farma, tabak, voeding, olie,..) illustreren dit met schandelijke lonen, omkoping, belangenvermenging, lobbying, winst boven duurzaamheid en gezondheid.
Ook grote NGO’s met initieel nobele doelen worden als ze te groot worden te duur in overhead en administratie, en menen dat hun managers overdreven toplonen waard zijn. (Waar schenkers vaak geen weet van hebben.)


Kleinschaligheid

Nadelen, maar voor wie eigenlijk?
Arbeidsintensiever, lagere productie
Knowhow ontwikkeling, kennisuitwisseling, opleiding zijn beperkter en trager,

Voordelen
Het volledige proces kan beheerst worden, van kiem tot hergebruik. Overzichtelijk en begrijpelijk voor alle partijen (stakeholders) die daardoor ook allemaal verantwoordelijkheid dragen.
Korte communicatielijn tussen basis en top, directe contacten, eerlijker werk- en inkomsten verdeling, meer variatie in de taken, polyvalenter en flexibeler inzet van menselijk kapitaal, snel en makkelijker te sturen en aan te passen productie, streek- en cultuureigen producten, diversiteit
Arbeid, productiemiddelen, profit en gevolgen kunnen bij dezelfde mensen liggen, daardoor heeft iedereen meer inzicht in de processen, en gebruiken we een meer duurzame aanpak
Lokale producties, minder transport, meer betrokkenheid van investeerders, werknemers, verbruikers.
Minder overheadkosten en verplaatsingen
Lokale verwevenheid, inbedding en ‘gedragen zijn’, i.p.v. weerstand en protest.
Risico spreiding (van kapitaal, ziekte bij vee of gewas, brand,..),


Ik en de wereld, op mensenmaat.
Eigenlijk kan ieder voordeel met een beetje creatief denken omgebogen worden in een nadeel. Of liever nog andersom.

Veel voordelen die grootschaligheid lijkt te hebben kunnen ondervangen worden door kleinschalige initiatieven te netwerken. Internet biedt die mogelijkheid.
Zelf als pottenbakker beginnen kan natuurlijk zeer kleinschalig. Maar het kan een voordeel zijn om aan te sluiten bij een coöperatieve van 15 verspreide pottenbakkers. Specialisatie, samen aankoop en verkoop, opleiding, kennis ontwikkeling, gezamenlijke investeringen (mobiele oven(s),..)
We moeten dus schaalgrootte behouden, waar dat aantoonbaar voordeel oplevert, en kleinschalige, multifunctionele initiatieven laten leven waar dat kan.

Daarvoor moeten we samen-werken, en samen verantwoordelijkheid dragen. Delen. Kiezen voor welzijn en duurzaamheid. Zorg dragen voor je kinderen en kleinkinderen, voor de omgeving, de medemens, dieren en planten en de aarde als geheel.

Schaalvergroting zien we in alle aspecten van onze samenleving.
Transport: station, trein, 40km/u, dorpsgarage > monster truck, jumbo’s, 400km/u, afspraak-merk garage
Wonen: gehucht, stadje > torenflat, grootsteden
Gezondheid: huisarts, vroedvrouw, kruiden kenner > groepspraktijk, spoed, gigaziekenhuis, big pharma
Landbouw: tuintjes & velden, paard en mest  > eindeloze velden, chemicaliën, te zware beestmachines op menshoge banden
Voeding: boer, slager, kruidenier >zuivelfabriek,  slachthuis, grootwarenhuizen
Productie: ambacht > industrie
Onderwijs: scholen tot 100 leerlingen > instituten met 10.000 lln
Politiek: van dorp en graafschap over land naar continent.

Zoveel te groter de schaal, zoveel te kleiner het menselijk contact.
Zowel klant gebruiker als producent dienstverlener worden anoniem. Werknemers zijn enkel nog verantwoordelijk en bekommerd voor een afgesplitst deelfacet, en verschuilen zich achter ‘de organisatie’.
Mensen kunnen/moeten/mogen zich niet meer richten tot mensen, maar tot systemen en instellingen, liefst via formulieren en schermen, en volgens regels en procedures.
We lost the human touch.

De kleinste eenheden zijn allicht niet het meest geschikt. De grootste ook niet. Het is moeilijk te bepalen welke grootte aangewezen is. Een poging om enkele richtlijnen ter overweging te vinden:
De keten tussen producent, verwerker en verbruiker zou zo kort moeten zijn dat iedereen elkaar kent. Gebruikers en maker zouden het proces moeten kennen, of tenminste iemand (die bereikbaar is) moeten kennen die het voldoende beheerst.
Idem voor woonblokken, (verzorgings) instellingen en diensten, bedrijven.
Rijdende machines zouden geen blijvende indruk mogen nalaten.
Productiemiddelen zouden coöperatieve eigendom van de werknemers of de gemeenschap moeten zijn.
We zouden moeten streven naar beter, gelukkiger en duurzamer i.p.v. naar groter, meer en sneller.

Als uitsmijter voor de inleiding, zomaar 1 kort voorbeeldje.

Een “Broodfonds” is een inkomensgarantie voor zelfstandigen. Een groepje van twintig tot vijftig mensen zorgt onderling voor een beperkt inkomen in geval één deelnemer ziek wordt. Daarvoor stort ieder een maandelijks bedrag op een eigen, afzonderlijke rekening, waarvan de zieke maandelijks een klein deeltje krijgt. (http://www.broodfonds.nl/ )

Wat ik zelf dan doe?
Ik schrijf dit stukje. (En 10 volgende.) En hoop dat het een zaadje is dat op meerdere plaatsen kan ontkiemen. Of groeihormoon is voor bestaande initiatieven. Die zoals in de permacultuur, een gunstige invloed op elkaar kunnen hebben.

Een leidraad (waar je uiteraard terecht ook wel over kan vitten):
Wat niet goed is voor iedereen, is niet goed.

Het geheim tot verandering is al je energie te focussen niet op het afbreken van het oude, maar op het opbouwen van het nieuwe.
(Dan Millmans’ Socrates)