Openbare toiletten in Rome werden foricae genoemd. Ze hoorden vaak bij openbare baden, waarvan het water werd gebruikt om het vuil weg te spoelen. De grootste riool, Cloaca Massima, is genoemd naar de Romeinse godin Cloacina: de Reiniger, van het Latijnse werkwoord cluo , 'reinigen'. Die spoelde alles naar de Tiber…

Begoede burgers hadden een latrina, een ​​privétoilet boven een beerput. Ze huurden stercorraii — mestverwijderaars — in om hun kuilen te legen. Ze gebruikten ook potten. Slaven waren even gebruikelijk als tegenwoordig katten of honden, zij moesten de potten ledigen.

Tot ca. 1900 waren er geen wc’s, en daarna nog lang niet overal. Zeker niet als Water Closet (dus met waterspoeling en riolering). Een boek uit 1570 over goede manieren stelt dat wildplassen en -poepen onwelvoeglijk is in de woonkamer en voor het vrouwenvertrek. In Versailles had de Zonnekoning een stoel met daarin een gat. (Geen afvoer, neen.) Ook op die troon ontving hij gasten. Er waren wel wat hokjes met een plank met een gat, en potten. Maar de honderden dagelijkse bezoekers gingen daarvoor echt niet in de rij staan. Ieder hoekje was goed. En gordijnen bleken geschikt wc-papier. Gelukkig heeft de geschiedenis deze kennis voor ons bewaard. Neandertahlercropolieten werden echter zo goed als nooit in hun woonplek gevonden!

Iedereen doet het. Schijten is vulgair. Kakken voornamer. En gaandeweg werd het meer privé. Er kwam een beerput (drekgat) om potten in leeg te kiepen. Beer is een oud woord voor mensenmest.

De huidige wc (watercloset) is een onverantwoord veel waterverslindend sanitair meubel om ons mest via kilometers riolering naar gigantische zuiveringsinstallaties te spoelen. Per dag gebruikt een mens hier 35 liter schoon drink- of regenwater om door te spoelen. Per jaar is dat dus 12.275 liter drinkwater.
Leg een baksteen in de spoelbak van je toilet. (Of een fles water.) Dat bespaart telkens hetzelfde volume aan water. Bij ieder plasje doorspoelen is zeker niet nodig.

Een septische put of -tank
Dit is een ondergrondse opvangput met een tussenschot en een overloop. In dit systeem zinken of drijven de vaste bestanddelen (slib) in de tank, terwijl de vloeistoffen via een overloop met filter naar een sterfput of een afvloeiingsysteem gaan.
Het slib wordt door bacteriën volledig afgebroken. Als er teveel water inkomt (door er ook badkamer, keuken, regenpijpen op aan te sluiten) hebben de bacteriën te weinig tijd om hun afbrekend werk te doen, en krijg je een tank vol stinkende blubber die geleegd moet worden.
Zeep, medicatie, antibiotica, solventen ed. kunnen het bacterieleven remmen, ontregelen en zelfs volledig kapot maken.

wchuisjeEen toilet was tot voor enkele decennia een huisje dat boven de beerput, een sloot of een gat in de grond stond.
Ontlasting werd ook in een pot of emmer gedaan en belandde via beerput of mesthoop op de akkers. Zoals dat in het grootste deel van de wereld nog steeds gebeurt. Ook met dierlijke urine en mest. Uiteindelijk is de mens ook maar een zoogdier als een ander.

Een comfortabele houten WC-bril van rond het jaar 0 werd ontdekt in de diepe pre-hadrianic grachten op Vindolanda.

(Zie ook Composttoilet)

Zoals het hokje thuis stinkt, stinkt het nergens. ( Jan Van Der Hoeven)
Wat is een drol naast de WC ???  Een drukfout.