Zeer belangrijk bij het gebruik van een (kolen- , hout, e.a.)kachel is een goede, regelmatig geveegde schoorsteen, en voldoende ventilatie. (Zie ook CO vergiftiging.)

Een stookplaats met een open vuur tegen de wand is een schouw. Ook de versierde schoorsteenmantel wordt schouw genoemd. En het rookafvoerkanaal ook. De ruimte in de schoorsteen noemt men het rookkanaal.

De schoorsteen is de ondersteuning (schoor) van de rookvanger boven een tegen de muur aangelegde stookplaats.

Trek is het stijgen van warme lucht. Een goede toevoer van verse buitenlucht, en afvoer van verbrandingsgassen is nodig. Trek of tocht wordt gecreëerd om verse lucht (zuurstof) door de brandstof te voeren.

Scheuren of een schoorsteendeurtje (achter de kachel, om roet uit de schoorsteen te halen) dat niet goed dicht zit geven valse trek!
Een geïsoleerde schoorsteen trekt beter.

De schoorsteen moet voldoende hoog zijn en minstens een halve meter boven de nok van het dak uitsteken.
De horizontale aansluiting van de kachel op de schoorsteen moet zo kort mogelijk zijn.
Door een te lage schoorsteen ontstaat terugslag.
Terugslag door koude schoorsteen: verwarm de schoorsteen wat door krantenpapier tot een fakkel te rollen en in de kachel te houden totdat de trek de juiste kant op gaat.

schoorstenen2De diameter hangt af van het type kachel of haard. Als vuistregel geldt een minimum van 15 cm voor een kachel en 20 cm voor een open haard.
Een te grote diameter is niet goed:
er is dan gevaar voor het binnendringen van neerslaande lucht en
gevaar op condensatie omdat de rookgassen te snel afkoelen in het rookkanaal.
De diameter van de schoorsteen mag nooit kleiner zijn dan de diameter van de afvoeraansluiting van het apparaat.
De doormeter moet overal gelijk zijn.

Een ronde pijp geeft een betere trek dan een vierkante vorm. Bij deze vorm is de wrijvings- en warmteuitwisselingsoppervlakte ten opzichte van de doorsnede het kleinst.

De schoorsteen moet zo verticaal en recht mogelijk zijn met een minimum aan bochten.
Het gebruik van bochten in de pijp verkleint de trek. Als er bochtstukken moeten worden gebruikt heeft 2 x 45° de voorkeur boven 1 x 90°. Dat is ook makkelijker te vegen. Gebruik ten hoogste 2 ellebogen per rookafvoerkanaal.

Kan je meerdere kachels op eenzelfde schoorsteen aansluiten?

Ja, maar niet op dezelfde hoogte, dus niet rug aan rug. Maar bijvoorbeeld een broodoven in de kelder, een fornuis in de keuken en een gaskachel op de zolderkamer kan perfect. (Meer stoken betekent ook vaker vegen!) Tussen de aansluitingen moet er minstens 50 cm zijn.

Buiten, boven op de schoorsteen kan je een afdekplaat of kap maken om
- regeninslag in het kanaal te weren. Vocht bevordert roetaanslag
- de "trek" in de schoorsteen te vergroten (waardoor de haard beter brandt)
- het bouwen van vogelnesten in het kanaal te voorkomen
- uitstoot van vonken van een open haard te vermijden

Een regenkap houdt neerslag uit de schoorsteen.
Een rotorkap of draaikap is een helmvormige kap en de opening uit de wind richt. Ze voorkomt terugslag van rook en wind in de schoorsteen. Ook een H-vormige uitgang voorkomt terugslag door turbulenties.

Een sluitklep is een metalen plaat om de schoorsteen aft e sluiten als hij niet in gebruik is, zodat er geen koude lucht binnen komt. Een sleutel is een klep in de schoorsteen boven de verbrandingskamer, om de trek te regelen. Die is nooit helemaal dicht (er is een gat in of een hoek af).

Veeg de schoorsteen zeker een keer per jaar. (In veel landen verplicht!) Vaker als je den of grenen stookt. Gewoon een touw met een gewicht aan, en een tros staaldraad, of lint, twijgen ... of een speciale veegborstel enkele keren tot beneden laten zakken. Onderaan is er meestal een (roet)luikje om roet uit te scheppen, anders moet je de kachel tijdelijk wegnemen.

Er bestaan ook soepele kunststof staken met borstels die je van onderaf door de schoorsteen omhoog kan duwen. Daarmee kan je dus vegen zonder op het dak te komen.

Voor een houtkachel moet het rookkanaal minimum 4 en maximum 20 meter lang zijn.

Rook bevat altijd water. Het gas kan maximaal voor 100% met waterdamp verzadigd zijn. Die hoeveelheid hangt ook van de temperatuur af. Het teveel aan waterdamp condenseert bij een bepaalde temperatuur en druk, het ‘dauwpunt’, en vormt samen met roetafzetting uit de schouw een agressieve vloeistof. Koudere lucht bevat minder vocht dan warme, en bereikt sneller zijn dauwpunt.
Het materiaal van het rookkanaal moet deze condensatie dus maximaal beperken door snel de temperatuur van de rook te bereiken. Zorg dus voor isolatie van het rookkanaal.


Aardappelschillen tegen roet (creosoot) en schoorsteenbrand?

Het is een hardnekkig en wijdverspreid weetje: aardappelschillen in de haard of kachel stoken zou roetaanslag en de kans op schoorsteenbrand verminderen. Zelfs schoorsteenvegers, verzekeraars, kachelverkopers en brandweerdiensten verkondigen dit. Hier en daar wordt ook een halve en manke verklaring gegeven.
Aardappelschillen bevatten veel water, wat cellulose, zetmeel en een beetje mineralen.
Dat zit –behalve zetmeel-  ook in hout en ander organisch materiaal. Zit het verschil dan in het zetmeel? Of misschien een minuscuul beetje van een mineraal?
Enkele fora gokken:
Gok 1: een kortstondige stuwing van verzadigde waterdamp van vochtige schillen maakt de aanslag los? Dat zou dan ook met nat hout moeten gaan.
Gok 2: de roetaanslag zou verzegeld of bedekt worden, zodat het niet meer, of moeilijk ontbrandt? Zou dan met alle zetmeel moeten lukken?
Gok 3: de droge schil zorgt voor een hetere vlam en rook. Deze temperatuurwijziging zou door de verschillende uitzetcoëfficiënt van roet en schoorsteen het roet doen brokkelen. Zou ook lukken door zink, aluminium of steenkool te stoken?

Een gefundeerde verklaring is echter nergens te vinden. Het lijkt me dus eerder een broodje aap. Misschien werkt het voor wie er in gelooft?

Ik geloof (hm) dat er wel een aannemelijke verklaring is voor het verbranden van aardappelschillen: de kiemremmers die er op gestrooid worden zijn slecht voor varkens en voor de composthoop. Tja, wat moet je er dan mee?
(De schillen eerst wassen, en eventueel ook koken voor de varkens.)