tondel lisTondel is licht ontvlambaar materiaal als pluis van lisdodde, tondelzwam (fomes fomentarius), plukjes katoen, krulletjes berkenbast, verkoold katoen.. De beste tondel zou je krijgen door reepjes van de zwam te drogen, te koken in paardenurine, opnieuw te drogen en voor gebruik pluizig te schrapen.

Vlas en gedroogde vezels van netels branden ook gemakkelijk. Als de tondel gloeit moet hij meteen aangeblazen worden. Dit kan ook door de tondel in een dun vel berkenbast te rollen en er zachtjes door te blazen.

In plaats van blazen kan je natuurlijk ook zuigen. Als er nog een verklaring moet gezocht worden voor het  ontstaan van de eerste sigaretten…?

Halfrot, vermolmd hout bevat de polypore zwam Fomes fomentarius, en is zeer geschikt als tondel.

Fatwood is van hars doordrenkt, en daardoor duurzaam en goed brandbaar dood hout. Gekwetste bomen gebruiken hars om wonden en beschadigingen af te dekken en te verzegelen om bederf en aantasting door insecten tegen te gaan. Stronken en takeinden kunnen zo verzadigd raken door hars en kleuren oranjerood. De oude Grieken oogsten op die manier reeds dawo(i) (zie: fakkel). Fatwood is de Amerikaanse naam voor deze houtsplinters (van vooral Pinus palustris). Ze nemen geen vocht meer op en zijn ook nat te ontsteken. Je kan het ook uit rottende stronken pulken.