Bij het herwerken van mijn boek ‘t-Over-leven realiseerde ik me dat ruim 95% over technieken, methodes, vaardigheden en kennis ging. De vanzelfsprekende aanname dat je niet alles in je eentje kan, en beter in een gemeenschap(je) samenwerkt, komt slechts in ca. 3% expliciet aan bod. Daarom een korte intro bij dit (in het boek voorlaatste) onderdeel.

Twee mensen kunnen samen méér doen dan 2 kluizenaars afzonderlijk. Dat geldt ook voor 3, of  4, 5… En ’t gaat gemakkelijker, en sneller. Sommige dingen kan je moeilijk alleen: ijzer maken, een nokbalken leggen, hooien, zeil over een dak of hooiopper spannen… Het verschil tussen een kano en een zeilschip.

Niet iedereen moet alles kunnen of weten. In een groep kan je taken en specialisaties (ver)delen.

Maar vooral: we zijn sociale dieren, we hebben gezelschap nodig. Troost. Plezier. Liefde. Steun. Huidhonger, contact, klankbord, overleg, iemand om je hand verbinden, een splinter uit je vinger te halen.

Iedereen wil ergens bij horen, en graag ook iets betekenen, iemand ‘zijn’, of zelfs uitblinken. Een grijze muis in het bedrijf, maar een topper in bv de miniatuurbouwclub.

samenwerkenzeilschipDoor teamwork en dus efficiënter te werken, wint iedereen tijd. En die kan je, samen met je gezelschap ook aan andere, fijne dingen besteden als muziek of een grap maken, een feestje, lachen, troosten, meeleven…

In een ander leven, waar verfijnd uit eten gaan vanzelfsprekende business was om te netwerken, kwam geregeld de vraag: “En wat is jouw favoriete gerecht (of restaurant, dessert,…)?” Meestal heb ik daar eerlijk op geantwoord dat ik liever een boterham at in goed gezelschap, dan kreeft in mijn eentje.  (In het midden latend of de tafelaars aangenaam gezelschap waren 😊 )

Samen dingen doen komt enkel in het laatste deeltje aan bod, met onderwerpen als cohousing, verenigingen, ecodorpen ed. Maar het is voor ieder aspect van het dagelijks leven belangrijk. Ook om te overleven.

Een student vroeg, denkend aan pijlpunten en kleipotten, aan antropoloog Margaret Mead (1901-1978) naar het eerste teken van beschaving. Voor haar was dat een dijbeen dat gebroken en daarna genezen was. Met een fractuur ben je in de natuur een vogel voor de kat. Dat de breuk heelde bewijst dat iemand tijd heeft besteed om het slachtoffer te verzorgen, voeden, beschermen. Iemand anders door moeilijkheden helpen is waar de beschaving * begint, zei Mead. Dus, we zijn op ons best als we anderen helpen. Wees beschaafd.

Uit sociologisch onderzoek blijkt dat groepsleden (deels bepaald door het volume van de neocortex bij primaten) met een beperkt aantal anderen stabiele relaties kunnen aangaan (en er over kunnen roddelen: dit heeft meerdere belangrijke functies, zeker bij vorming van subgroepjes). Een basisgroep bestaat uit 5 (à 7) personen. Ieder volgend niveau wordt dit 3 x meer: afgerond 5 – 15 – 50 – 150 (het getal van Dunbar). Boven dit maximum gaan er al wat mensen in de anonimiteit van de groep en van onze radar kunnen verdwijnen. Maar 30 gezinnetjes is al een leuk ecodorpje met veel mogelijkheden. (En allicht kan je dus digitale contacten boven dat aantal niet onder de noemer ‘Vrienden’ catalogeren. Digi-vrienden worden steeds meer avatars, spookbeeldjes die meteen weg zijn als je de schakelaar uit zijn.)

Michael Tomasello (Max Planck, Leipzig) bestudeerde de evolutietheorie van menselijke samenwerking (2013).

Zijn conclusie, die Darwin eigenlijk ook al omschreef, luidt: (survival:) Cooperation not competition is instinctive. Onze voorouders moesten elkaar op de vlakten tolereren en (om beurt) buit delen. Ze overleefden door samenwerking. Samenwerking verdient gelijke beloningen. Zo konden stammen groeien Ook jonge kinderen (3 jaar) delen nog onvoorwaardelijk eerlijk.

Doorgetrokken naar de 21ste eeuw: coöperaties zullen beter functioneren dan hiërarchisch gestructureerde bedrijven die werken voor buitenstaanders - aandeelhouders. Kies dus voor coöperatie i.p.v. competitie.

Een onderzoek dat ik helaas niet meer terug vind vergeleek leken en experten die zowel individueel als in groep, per soort en gemengd, beslissingen moesten nemen. De opvallende conclusie was dat grotere groepen altijd beslissingen namen die op termijn kwalitatief veel beter en intelligenter waren, los van het feit of & hoeveel experts er bij waren. Omdat ze vanuit hun individuele verschillen en eigenheid met veel meer verschillende aspecten rekening hielden.

Eigenlijk zijn we dus gedoemd om samen te werken en te leven. Hoe zouden we ons anders ook kunnen voortplanten…

(*) Met in mijn achterhoofd filmpjes van aapjes die elkaar helpen, en zelfs een leeuwin die een antilopenjong ‘adopteert’, vind ik dat altruïsme of moederliefde niet volstaan om van beschaving te spreken. Bij gebrek aan een voor mij goede definitie van beschaving maak ik daarvan:  waarden en normen die groepsleden en generaties hanteren om het samen beter te hebben. (Om te vermijden dat bv koloniale of elitaire uitbuiters kunnen claimen dat ze beschaving brengen.)

Beschaving: dun laagje wegschrapen voor een mooiere look.

Zelfvoorziening: meer dan – een hele boterham… (Artikeltje uit mijn blog Toverlevenaar.cultu.be)

Het kan zo niet blijven (duren).

Er moet iets veranderen. Of: er gaat iets gebeuren.

      Ik hoor het steeds vaker. Zomaar op straat. Of van mensen van wie ik het niet verwachtte.

En soms denk je: we zouden helemaal opnieuw, vanaf nul moeten kunnen beginnen.

Helaas, dat kan niet. Of maar voor een klein gedeelte. En dan nog op voorwaarde dat je weet hoe.

Ik ben nog opgegroeid in een tijd dat kinderen nog hele dagen door bossen, straten en velden mochten en konden zwerven. Bij gebrek aan- waren we nog niet gebiologeerd door schermen van GSM, smartphone, TV, PC, iPad ed.

En we moesten helpen om in de naoorlogse overlevingsdrang van de ouders mee te voorzien in alles wat nodig was om te overleven: slachten, brandhout maken, inmaken, wieden, enz.

KinderenLandwerk 417x268Ik heb daar nooit moeite mee gehad, integendeel. Ik heb ook altijd het idee gehad dat ik wel voor mezelf zou kunnen zorgen. Maar allicht is dat helemaal anders voor de generatie die melk enkel uit dozen haalt, en vlees uit cellofaan, en kleding –ook voor een hondje- met een muisklik bestelt.

Het zou wel jammer zijn als de kennis om alles wat je nodig hebt om te (over)leven en alles zelf te maken, zou verloren gaan. Veelal is het niet eens zo moeilijk. Onze voorouders slagen er al duizenden jaren in. Ik hoop een steentje te kunnen bijdragen door die kennis te verzamelen en beschikbaar te stellen.

Veel informatie is op internet te vinden. Allicht meer dan 80% van al die kennis. Maar zeer verspreid en versnipperd. Vaak ook te ingewikkeld. Of te naïef. Of niet praktisch bruikbaar. Ik heb met plezier enkele honderden bladzijden bij elkaar geschreven, ook over de ontbrekende 20%. En nog zal het niet volledig zijn.

Er zijn goedbedoelde pogingen. Window farming bijvoorbeeld is leuk. Een vingeroefening die je wat bijbrengt over plantengroei, zaaien, waterhuishouding, gezonde voeding… Maar als je denkt dat je er van kan overleven, dan ben je een naïef romanticus. Je zal dood gaan van de honger. Om van te leven heb je wel wat meer bewerkbare grond nodig.

Ook toen ik een tijd(je) in een stad(je) woonde ging ik enkele keren per week bij mijn ouders tuinieren en brood bakken. En rond mij, op de buiten, zie ik dat iedereen een tuin heeft. Soms een siertuin. Of gazon. Ik zie de bewoners ook ouder worden. Tuinieren staat op een laag pitje. Ik vermoed dat velen blij zouden zijn als er iemand hun grond zou bewerken. In ruil voor een deel van de opbrengst. Misschien een goeie mogelijkheid voor stadsbewoners om in samenwerking met de buitenmens tot voordeel van beiden de juiste weg op te gaan? Een sociaal onderzoek zegt dat iedereen met iedereen verbonden is door maximaal 6 of 7 personen. Als je vanuit je eigen kennissenkring vertrekt, en de juiste kanalen inschakelt, kan je dus na 7 tussenpersonen contact hebben met president Obama. Of Tina Turner… Facebook beweert dat al haar gebruikers met maximaal 3 a 4 tussenpersonen kunnen verbonden worden. Dus wat belet je om als stadsmens een akkoordje te maken met een buitentuinder?

Kleine, lokale netwerken kunnen veel problemen oplossen. Vroeger hing iedere straat en buurt onderling goed aaneen. Slachten deden we samen. Ieder een half varken. Logisch toch, als een heel varken te veel is en je geen half varken kan kweken? Om te hooien hielp iedereen elkaar. Want iedereen had het graag droog binnengekregen. Bouwen deed je ook niet in je eentje, maar met een bak bier en de buurt. Spijtig dat het teloor is gegaan. We moeten op zomeravonden terug onze stoelen op de stoep zetten, i.p.v. voor de tv. En met Nieuwjaar samen een borrel drinken, i.p.v. een prijzig restaurant te boeken.

Waarmee ik wil stellen dat zelfvoorziening iets is wat je niet in je eentje moet of kan doen. Je hebt er de kennis en de vaardigheden van meerder mensen, van een kleine gemeenschap voor nodig. Zonder hun specialisatie lukt het niet (goed), en zij hebben ook jou hulp en inzicht nodig.

Ik heb geprobeerd om met de verzamelde informatie telkens naar het laagst mogelijke basisniveau te gaan. Als het gaat over brood bakken, wordt er ook teruggegrepen op graan zaaien, oogsten en malen. Met handmatige hulpmiddelen. Om zelf te bouwen wordt bondig beschreven hoe je met mortel en stenen kan metselen. Maar ook hoe je bakstenen maakt en bakt. En hoe cement kan gemaakt worden. En een beitel om steen te kappen. En staal om een beitel te maken, enz.

Je kan ons ook volgen in de facebookgroep tOverleven.

Ik hoop dat veel mensen er veel plezier en voordeel van hebben. En misschien ook nog bijkomende info en aanvullingen om alles te vervolledigen doorsturen.

Duurzame zelfvoorziening met respect voor mens en milieu lijkt me de enige weg om op onze aarde samen te kunnen overleven. Misschien helpt mijn website om dit te stimuleren. En heb ik daarmee ook iets nuttig gedaan voor moeder aarde en mijn medemensen. Succes ermee.

(Ik ontving via mail een vraag en een mooi verhaal van Frank. Daarom vroeg ik hen of ik het op het forum mocht plaatsen. Misschien kan er nog ooit iemand nuttige tips uithalen, of toevoegen.)


Beste Hugo,

diggingwellsIk heb tot 1997, 7 jaar in Brazilië gewoond en nog steeds een huis daar in Nova Timboteua, Para, Brazilie,140 km vanaf Belem, Para.

In een hoek van het terrein van 4 ha. komt het waterpeil tot vlak onder het grondoppervlakte en binnen hetzelfde terrein hebben we tot 15 jaar geleden een geboorde put gebruikt die 30 meter diep was en waaruit we veel water pompten van 15 meter diepte. Die put is echter vervuild geraakt na lange tijd niet gebruikt en schoon gehouden te zijn.

De pompen van het dorp staan op een aangrenzend terrein.

We hebben onlangs een waterput, met een gemetselde ring van ongeveer 1 meter doorsnee, gegraven.
We zijn op een diepte van ong. 5 meter op een soort drijfzand gestoten en de put vult zichzelf van buiten de put net zo snel aan met nieuw drijfzand, als dat er gegraven en opgehesen wordt.

Nadat er nu 1000 liter opgezogen is met een pomp naar een 1000 liter watervat, moet er een poos gewacht worden tot het waterniveau in de put weer gestegen is. Ik wil sneller water kunnen pompen, dus moeten we waarschijnlijk dieper.
En dieper graven lukt niet. We weten niet hoe dik de laag drijfzand is. Binnen 100 meter afstand en binnen het terrein was toen ook een waterput die zonder dit probleem een waterniveau op 3 meter onder de oppervlakte had.

Heeft U ervaring met dit probleem en weet U wat te doen in ons geval?
De put heeft tot nu toe, aan arbeidsloon en materiaal, ong. € 700 gekost.
Vriendelijke groeten,
Frank


Dag Frank,

Ik heb nauwelijks ervaring met drijfzand. Ik heb 1x een ondiepe put (ca 3m) gegraven waarvan het onderste deel (ca 50 cm) drijfzand was.
Dat kon dus nog, omdat we er meteen een betonnen ring in konden zetten. Maar een put graven in drijfzand is echt levensgevaarlijk. Er zijn zo al zowel mensen als betonnen ringen gewoon spoorloos verdwenen.

Bij grote projecten gebeurt het wel dat, om er door te kunnen, het drijfzand plaatselijk en tijdelijk bevroren wordt. Maar ik vermoed dat zoiets quasi onbetaalbaar is.

Boren lijkt me geschikter dan graven. Dat gaat door drijfzand vanzelf.
Aangezien je de dikte van de laag drijfzand niet kent moet je de boor wel altijd goed vasthouden, zodat ze niet wegzakt en verloren raakt.

Als je in het zand een draineerpijp zet of legt, en daarop een pomp aansluit, krijg je dan niet voldoende debiet?

Als het toch een gegraven put moet worden lijkt het me dat je betonnen ringen van bovenaf moet aaneenschakelen en laten zakken. Losse ringen kunnen kantelen of wegspoelen. Je moet ze dus vooraf, bovengronds aan elkaar bevestigen. Een stuk laten zakken, en weer (bovengronds) een nieuwe monteren. Het monteren zou kunnen door ‘nietjes’ van betonijzer te gebruiken. 4 gaatjes in de bovenkant van de onderste ring, en 4 in de onderkant van de bovenste ring. Betonijzer erdoor plooien en de 2 losse einden vastlassen of binden.
Langs de buitenkant kan je die nieten gebruiken om de ringen met haken aan hefbomen te hangen om de buizen te laten zakken. (Eerst die op 6 en 12 uur, daarna op 3 en 9 uur.) (Dat kan niet langs de binnenkant, want dan kan je er geen nieuwe ring meer bovenop krijgen.)
Een zware klus. En het lukt maar zolang de ringen nog te houden zijn met hefbomen, en zolang ze niet in vaste grond gekneld raken.
Metaal zou al een stuk lichter zijn: een ijzeren (roest!) of inox silo laten zakken, en daar pijpen bij oplassen.

Boren lijkt me dus realistischer, en minder gevaarlijk en duur.

Zijn er in de buurt geen gelijkaardige gevallen die al een oplossing gevonden hebben?
Ik ben benieuwd of je er iets mee kan doen, en of het lukt.
Succes, groeten
Hugo


Dag Hugo,

Wat leuk dat je zo'n uitgebreid antwoord stuurt op mijn vraag!
In ons geval metselen we mee naarmate de kolom het gegraven gat inzakt en zorgen we dat de kolom een meter boven de grond blijft, de binnenkant wordt gestuckt. Bij het graven schep je zand van onder de gemetselde kolom weg. Dus er is geen gevaar dat het kantelt. Het gevaar is in ons geval dat er onderin een holle ruimte komt buiten de kolom, naarmate er zand wordt afgevoerd en dus kan het instorten, wat een risico vormt voor degene die aan het graven is.
Ik overweeg inderdaad een gat te laten boren naast het watertorentje wat naast de gegraven put staat, zodat dat nog te gebruiken valt. De put moeten we dan als verloren beschouwen. De regentijd komt eraan, wie weet gebeurt er nog een wondertje en verbetert de situatie.

Interessante site overigens. Ik heb in Brazilië enkele principes toegepast die jullie behandelen. Eerst bij een landbouwcoöperatie, waar we deze technieken aan de leden leerden. Nadat mijn contract als
ontwikkelingswerker afliep, ben ik zelf gaan boeren. De coöperatie ging failliet. Ik heb daarna zelf van alles geprobeerd op het gebied van organische,- en groenbemesting. Wij gebruikten boonsoorten en
vlinderbloemige struiken, die we snoeiden en als groenbemesting rond de geplante vruchtenbomen lieten vergaan. Daarnaast koeienmest en ik heb nog een proeflading gedroogde varkensmestkorrels vanuit Nederland gebruikt. Voor irrigatie gebruikten we oprolbare, geperforeerde slangen. Ook benutten we grond en licht/schaduw beter door verschillende soorten door elkaar te planten, zoals banaan, kokos, en cupuacu. Tijdens het planten van de vruchtbomen, plantten we eerst nog meloen en bonen, zodat de bodem bedekt was en een extra oogst opleverde. Ook de bananen dienden voor schaduw en zouden verdwijnen zodra de kokosbomen zouden produceren. Echter de bananen die ik samen met een andere boer in een andere staat gekocht had, bleken van een ander, niet commercieel type. Ik ben min of meer failliet gegaan. (het ging om 5000 bananenbomen) En later terug naar Nederland gegaan.
Vriendelijke groeten,
Frank


Dag,
Ik heb er onderweg in de wagen nog wat over gedacht. Als je er de tijd voor hebt, is er misschien nog een andere oplossing.
Als je met een mal betonnen cirkelsegmenten maakt van ¼ van de buisomtrek, en ca. 25 cm hoog; met boven en rechts een tand, en onderaan en links een groef, dan kan je de ringen van binnenuit en van onder af bijsteken. Gezien het drijfzand meegeeft, kan je de laatste 2 segmenten van een ring iets te ver naar buiten drukken, en ze dan als bij een dubbele deur, terug (tand in groef) sluitend naar binnen trekken.
Met één mal kan je allemaal identieke stukken maken. En ook onder water hardt beton verder uit (zelfs nog beter dan droog). Eventueel snel harden beton gebruiken, en uittesten na hoeveel uren het uit de bekisting kan.
Door de druk van het drijfzand rondom de segmenten worden ze vast tegen elkaar geperst. Om de productietijd te verkorten eventueel meerdere mallen maken.
En de plaatser/graver natuurlijk altijd beveiligen met een stevig touw onder de armen rond de borst, en onder constant toezicht.
Misschien lukt het zo op een redelijk veilige manier…
Succes, groeten
Hugo

Dag Hugo,
ik snap niet goed welk voordeel het werken met de betonnen cirkelsegmenten oplevert t.o.v. de manier waarop wij het doen.
We hebben gewerkt op de manier die je beschrijft met een touw, zodat de graver in geval van nood opgehesen kan worden, dus daarvoor altijd 2 man boven.
Vriendelijke groeten,
Frank

Hei Frank,
Je moet het natuurlijk in de praktijk, ter plaatse beoordelen. Voordelen kunnen zijn:
- de hele structuur moet niet naar beneden schuiven, zoals bij betonnen ringen,
- het hangt er van af hoe snel het drijfzand toestroomt. als het relatief snel en krachtig is wordt metselwerk weggedrukt. Kant en klare cirkelsegmenten zouden net steviger tegen elkaar gedrukt worden.
- je kan blijven doorgraven, het metselwerk moet niet meer uitharden voor je verder kan graven.

Je moet zien wat werkbaar en geschikt is.
Misschien kan je bij gelegenheid wat foto's tonen? Ben wel nieuwsgierig hoe het gaat en opschiet.
Vriendelijke groeten
Hugo

 

Waterput met ringen

Hallo,

Ik heb in mijn hof een oude waterput met betonnen ringen ontdekt.
Waarschijnlijk 2 ringen maar de onderste ring is volledig dichtgeslibd

Hoe maak ik die weer bruikbaar? Uitscheppen met een emmer? Kan ik zonder gevaar in die put gaan?

Groeten

Rudy

Ik heb het in het verleden 2 x gedaan met een oude put.
2 ringen is niet zo diep, waarschijnlijk vind je nog een derde.
Je neus kan je al zeggen of je er in kan.
Je kan er ook een kaars in laten zakken. Als er te weinig zuurstof is zal ze uitgaan en blijf je er beter uit.
Er kan ook brandbaar of ontplofbaar methaangas in zitten, maar dat had je dan normaal al geroken. Dus toch wat voorzichtig zijn.
Als je besluit er in te gaan, zorg er dan voor dat je nooit alleen bent.
Plaats een smalle ladder in de put zodat je er ook weer uit kan. En bind een stevig touw onder je armen dat je boven ergens goed vastmaakt.
Je helper kan de smurrie die je in een emmer schept naar boven halen, en houd je dus ook in het oog.

Een andere optie is een vuilwaterpomp te gebruiken. Maak met veel water modder van de putinhoud, en pomp dat er uit. Misschien kan je het in een paar bekkens of tonnen laten bezinken voor hergebruik (water afpompen en bezonken smurrie wegkruien.)

Als de klus geklaard is, de wanden afwassen, het vuil water wegpompen of scheppen, en een laagje keien op de bodem leggen.
(Laat maar eens weten hoe het ging?) Voorzichtig, en succes!

lintwormIk heb meermaals het verhaal gehoord en gelezen dat je een lintworm kan verwijderen door enkele dagen te vasten en dan met open mond boven een kom met warme melk (of zelfs koffie,..) te zitten. Op zoek naar voedsel komt hij er vanzelf uit. Voorzichtig helemaal er uit trekken, zodat er niet 1 stukje blijft zitten. Wat dat zou weer een nieuwe worden. Ik heb nergens uit een betrouwbare bron bevestiging kunnen vinden.

Hoe zit het nu eigenlijk met die lintworm. Iemand ervaring ermee? Kan je die lokken? Hoe? Met wat?

>> De wortelstok van de mannetjesvaren (Dryopteris filix-mas) is giftig, maar wordt wel al eeuwen gebruikt als middel tegen lintwormen (Toenia saginata, ea ingewandswormen en ongemakken). De floroglucinolverbindingen filmarone en aspinidol werken zenuwverlammend waardoor de worm loslaat van de darmwand en kan afgedreven worden. Daarom is combinatie met een sterk laxeermiddel (bv ricinusolie of vuilhout ) aangeraden. Zowel de worm als het middel verdwijnen dan snel uit het lichaam zodat de kans op schadelijke bijwerking minder is.<<

(Kaigan) Gelukkig heb ik geen ervaring met lintwormen. Lintwormen lok je niet naar buiten, maar verdrijf je. Hiervoor gebruik je kruiden die veel thujon bevatten, zoals Boerenwormkruid of Alsem. Thujon is in principe giftig, gebruik de kruiden altijd onder begeleiding van een deskundige! Zwangere vrouwen mogen dit soort kruiden niet gebruiken vanwege de aborterende werking van het thujon. Geen kruidje om een lekkere bak thee van te maken dus. Patrick

(ad) Zou het dan wat men noemt een 'broodje aap'of 'stadslegende'zijn? Ik heb het verhaal vaak als 'echt' horen vertellen. (Maar nooit van iemand die het zelf gedaan had.)

(Kaigan) Wat heb je dan gehoord? Toch niet dat je een biefstuk voor je anus of mond moet houden hè!? De lintworm leeft van de brij in je darmen die zou niet eens iets met een onbewerkte biefstuk kunnen doen. Wat mij betreft mag dit meteen door naar het rijk der fabelen. Patrick

(ad) Geen biefstuk. Wel dat je eerst een paar dagen moet vasten, om de lintworm ook hongerig te maken. En dan met open mond (HMMM) boven een kom warme melk (anderen zeggen koffie,...) gaan zitten.
Daar komt hij naar toe, en dan trek je hem voorzichtig (want ze zijn lang, en geleed) helemaal er uit. Nooit gehoord?

Maar ik zou dus graag, als dat zo werkt, dat horen van iemand die het zelf heeft gedaan.
Of 't is nep...

(Kaigan) Ik kende deze 'methode' niet, maar ik neem 'm niet serieus. Heeft de lintworm wel een reukorgaan? De geur van melk of koffie kan via de mond nooit de darmen bereiken, via een lekdicht rectum is dit ook uitgesloten.

Maar ik heb een open visie, dus ik ben benieuwd of zich iemand meldt. Patrick

(ven.benzin) ons bomma zei altijd met uiensoep en dan de kop afhakken ma heb het nog nooit gezien hoor!!! zou wel eens grappig zijn!
greetz

Dat is een grap die ondertussen natuurlijk al iedereen kent.
Soms zit ik met domme vragen waarop ik niet echt een antwoord kan vinden. Dit is er ook zo een.
Hoe graaft een konijn een pijp?
rabbitdiggingIk heb ze al in actie gezien, dus ik weet hoe ze het doen. Het eerste stuk.
Maar hoe gaat dat als ze een meter dieper en verder zitten? Hier in de wei is een gang van minstens 7 meter. Ik kan me echt wel voorstellen hoe ze het (zouden kunnen) doen. Maar ik weet het niet. Ik vind het ook nergens. Google niet, You Tube niet… Niet in het Engels of het Frans… Dus mail ik naar verenigingen, diensten, instellingen en instanties…
Maar blijkbaar weet niemand het.

De pijp is vrij klein, en het konijn zit er in. Dus het is behoorlijk donker.
En het is niet zodat konijnen zeer goed kunnen zien omdat ze veel worteltjes eten. Dat is een verhaaltje dat de Royal Airforce rondstrooide in WO II, om te verklaren waarom hun wortels etende schutters zelfs ’s nachts vliegtuigen konden opsporen en neerhalen. Zo camoufleerde de RAF dat ze radar hadden.

Dat graven wordt dus een duistere aangelegenheid.
En dan moeten ze de grond ook nog naar buiten werken. Zonder zichzelf in te sluiten. En ik heb nog nooit een konijn met een kruiwagentje of een emmer gezien.
Zouden ze echt mondjesmaat kleine beetjes grond tussen hun achterpoten door steeds verder achterwaarts naar buiten werken?

Wie het weet mag zich laten horen. Waarvoor bij voorbaat dank

Konijnen graven pijpen (en niet omgekeerd)

 

Dat is een grap die ondertussen natuurlijk al iedereen kent.
Soms zit ik met domme vragen waarop ik niet echt een antwoord kan vinden. Dit is er ook zo een.
Hoe graaft een konijn een pijp?
Ik heb ze al in actie gezien, dus ik weet hoe ze het doen. Het eerste stuk.
Maar hoe gaat dat als ze een meter dieper en verder zitten? Hier in de wei is een gang van minstens 7 meter. Ik kan me echt wel voorstellen hoe ze het (zouden kunnen) doen. Maar ik weet het niet. Ik vind het ook nergens. Google niet, You Tube niet… Niet in het Engels of het Frans… Dus mail ik naar verenigingen, diensten, instellingen en instanties…
Maar blijkbaar weet niemand het.

De pijp is vrij klein, en het konijn zit er in. Dus het is behoorlijk donker.
En het is niet zodat konijnen zeer goed kunnen zien omdat ze veel worteltjes eten. Dat is een verhaaltje dat de Royal Airforce rondstrooide in WO II, om te verklaren waarom hun wortels etende schutters zelfs ’s nachts vliegtuigen konden opsporen en neerhalen. Zo camoufleerde de RAF dat ze radar hadden.

Dat graven wordt dus een duistere aangelegenheid.
En dan moeten ze de grond ook nog naar buiten werken. Zonder zichzelf in te sluiten. En ik heb nog nooit een konijn met een kruiwagentje of een emmer gezien.
Zouden ze echt mondjesmaat kleine beetjes grond tussen hun achterpoten door steeds verder achterwaarts naar buiten werken?

Wie het weet mag zich laten horen. Waarvoor bij voorbaat dank