hamsterHamsteren betekent extra grote voorraden (meestal voeding, gebruiksmiddelen als benzine..) aanleggen voor een verwachte periode van schaarste. Die benaming komt van het diertje dat 2 grote wangzakken gebruikt om wintervoorraden aan te leggen. De Europese hamster, veldhamster of zwartbuikhamster (Cricetus cricetus) wordt in Limburg ook korenwolf genoemd. Het is in de Lage Landen een bedreigde soort. Na een kweekprogramma in 2005 zijn er een aantal exemplaren uitgezet, maar het aantal burchten blijft beperkt tot enkele geïsoleerde relictpopulaties.

Deze oorspronkelijke steppebewoner, die als cultuurvolger ook in graslanden, velden en akkers, in lössgrond en leem burchten en gangen graaft is 18-34 cm, heeft een kort staartje van 5-7 cm en een gewicht van 160-600 gr.
De kleurrijke vacht met rosbruine bovenzijde heeft witte tot gelige vlekken op snuit, schouders en wangen. De onderzijde is zwart. Dit is vrij bijzonder, bij de meeste zoogdieren is de buik lichter dan de rug. Hij heeft middelgrote, behaarde oren en witte pootjes..

De hamster leeft solitair en graaft een gangenstelsel. Gangen tot twee meter diep hebben een diameter van 6 tot 8 centimeter. Ze dienen als verblijfplaats, opslagplaats voor voedsel, overwinteringplek, toevluchtsoord bij gevaar, een latrine, en nesten. De nesten zijn vaak bedekt met gras, hooi en ander zacht materiaal.
In zijn Limburgse naam slaat koren op zijn voedsel en woof of wouf is een benaming voor iemand die erg inhalig is. Het is een korenhamsteraar .
Maar ook bijna een alleseter met insecten en slakken, zaden, grassen en kruiden, maar ook wortelen tot zelfs kleine knaagdieren en kikkers op het menu.

's Avonds en 's nachts wordt een hamster actief en komt ze uit haar hol om te eten.
Voedsel transporteert ze in haar wangzakken. Die leegt ze met haar voorpoten. De voorraad kan tot uitzonderlijk 65 kilogram aan voedsel beslaan, maar is meestal 2 tot 5, en niet meer dan 15 kilogram.
Bij gevaar (vooral vossen) zet de hamster zijn wangzakken op en maakt hij dreigende geluiden.
De wangzakken gebruikt de korenwolf ook om te zwemmen. Hij blaast ze dan op om zich makkelijk drijvend te houden.

Als de herfst komt dicht hij alle uitgangen met aarde. In het diepste nest houdt de hamster in de koude en voedselarme winterperiode, van oktober tot april een winterslaap, waarbij zijn lichaamstemperatuur tot 5 °C daalt. De winterrust onderbreekt hij om de vijf tot zeven dagen om te eten van zijn voedselvoorraad.

Ze beëindigen hun winterslaap als de gemiddelde dagtemperatuur enkele dagen boven 5-10 °C komt. De mannetjes ontwaken eerst. De vrouwtjes vaak pas een maand later.
Na de winterslaap komt de paartijd. De mannetjes dringen binnen in de territoria van de vrouwtjes, waar ze na de paartijd direct weer worden uitgejaagd.
Na een draagtijd van 17 tot 20 dagen worden 3 tot 15 kale, blinde jongen (gemiddeld 4-8) geboren. Na 14 dagen gaan de oogjes open en kunnen de jongen het nest verlaten. Na 18 dagen worden de jongen gespeend. Na 3 weken verlaat de moeder de burcht.
De vrouwtjes zijn geslachtsrijp na 43 dagen. Ze kunnen zich dus nog in hetzelfde jaar voortplanten. Een vrouwtje kan tot drie worpen per jaar krijgen. De voortplantingstijd eindigt in juli - augustus.

Hamsters worden in het wild maximaal 4 jaar, maar de gemiddelde leeftijd ligt de helft lager.


Voor cavia (Cavia) of Guinese biggetje (familie Caviidae) zijn er op internet veel recepten, vooral uit Zuid-Amerika te vinden. Ze worden daar ook als voedseldier gekweekt. Ze eten voornamelijk gras en paardenbloemen.


Verschil hamster - cavia

Een cavia klimt niet en is veel groter dan een hamster. Een hamster is een nachtdier, een cavia niet.
Wilde cavia’s leven in groepen en subgroepjes met slechts één volwassen beer per groep. Ze wegen tussen 500 en 1500 gram en hebben geen zichtbare staart. Ze zijn direct na een worp, en om de 16,5 a 20,5 dagen vruchtbaar. De jongen kunnen een paar uur na de geboorte al rennen en vast voedsel eten.

Cavia’s die hamsteren zijn nooit grappig.
Karel hamstert, en slaat een voorraadje in. Als hij terugkomt met twaalf flessen jenever en een brood vraag zijn compagnon: "Wat moeten we met al dat brood?"